Een buik vol liefde

Posted on March 17, 2013

Afgelopen zomer was ik met mijn moeder op vakantie in Portugal. Het land was prachtig, het eten heerlijk en mijn daar opgelopen voedselvergiftiging hels. Als het op eten aankomt ben ik een avonturier, alles moet geproefd worden. Er zijn twee dingen waar ik bijna alles voor doe: lekkers én de liefde.

En soms overdrijf ik een beetje. Zoals bij het pittoreske, Portugese restaurantje waar ik na wat sightseeing met mijn moeder neerstreek achter een bordje ameijojas; heerlijke kleine in knoflook en olie badende mosseltjes. ‘Wonderful, clams! I eat them all the time. But now, toxins. Ai, ai,’ vertelde de patron wat sip. But these are good! zei hij toen hij mijn ietwat beteuterde blik achter een leeg bord schelpjes oppikte te midden van zijn gif-betoog. ‘Do not worry. Beautiful mother’. Op het gezicht van mijn moeder verscheen een blik die zei: blij met alles.

Mama blij, ik blij, gif vergeten. Een les in avontuurlijk eten: als iemand met je moeder aanpapt na een toxinen waarschuwing, dan is er iets mis. Op mijn ameijoas binge volgde een interne, biologische oorlog die zich niet liet binden aan vakantieperiodes, of jubilea. Hondsberoerd zwoer ik vis en schaaldieren af. In gedachten voegde ik me bij de grauwe,  avontuurloze gelederen van culinaire miesmuizers*.

Enkele dagen later landden mijn moeder, ik en mijn – inmiddels voor een eigen postcode kandidaat gestelde – buik op Schiphol, waar m’n lief me verraste met een grote bos rozen.  We waren één jaar getrouwd. Bij thuiskomst had hij nog een verrassing: champagne en vis.

Kennelijk is er niet meer voor nodig dan een rossige stoppelbaard, twee blauwe ogen en een fles bubbels om me te verleiden tot onverstandige beslissingen. Tot ochtendgloren zat ik vol overgave aan een zeemansdieet van vis en drank. Met liefde en aandacht bereid lekkers weiger je niet, al doet het verorberen fysiek pijn. Daarnaast stond mijn kop er niet naar om opgekruld in bed te gaan liggen. Mijn vent zou me terugkrijgen in dezelfde staat als ik vertrok: omnivorus idioticus.

Deze Valentijnsdag verorberde ik begeleid door mijn lief zijn gegrinnik  een  tweepersoons portie zee-kwal en eenden tongetjes. En ineens werd me duidelijk waarom ik op de helft van mijn verstand lijk te functioneren zodra er eten in het spel is. Ik ben een sucker for love. Aandacht, toewijding en sfeer maken voor mij de helft uit van elk gerecht én bijna alles eetbaar. Zelfs giftige mosselen, vis na een voedselvergiftiging en veel te grote porties kwal.

Geschreven voor Miss Mundo